Home » Ventilatie » Technische info

Technische info

Inhoud

 


Symbolenlijst

Symbool
Eenheid
Betekenis
ΔB
mm
deel van inbouwbreedte dat geen lucht doorlaat
ΔH
mm
deel van inbouwhoogte dat geen lucht doorlaat
Δp
Pa
drukverschil
ρ
kg/m³ 
dichtheid van een medium
A
mm² of m²
oppervlakte
An
mm² of m²
netto lamellenoppervlak
As
mm²
sparingoppervlakte
B
mm
inbouwbreedte
Bs
mm
sparingbreedte
Bt
mm
buitenwerkse breedte
H
mm
inbouwhoogte
Hs
mm
sparinghoogte
Ht
mm
buitenwerkse hoogte
k-factor
-
roosterweerstand tegen lucht
Lsp
mm
speling; ruimte tussen aanslag en gat in de muur          
LD
cm²
luchtdoorlaat van het netto lamellenoppervlak bij standaards
LD/m² (1Pa)
m³/h
luchtdoorlaat bij natuurlijke ventilatie (=1 Pa)
Lo
m/s
gemiddelde stromingssnelheid in kanaal bij desbetreffende druk
LwA
dB(A)
gewogen geluidvermogen per m² bij desbetreffende druk
Qv
dm³/s
luchtvolumestroom            
Qv1
dm³/s
luchtvolumestroom bij natuurlijke ventilatie (=1 Pa)
Qv1/m² (1Pa)
dm³/s/m²
Qv1 per m² netto lamellenoppervlak bij natuurlijke ventilatie (=1 Pa)
So
m/s
gemiddelde stromingssnelheid in lamelopening bij een bepaalde druk
v
m/s
snelheid
VD
%
vrije-luchtdoorlaat van netto lamellenoppervlak bij specials

 


Begrippen

Aanslag van het kader/kaderbreedte
De overstekende rand (omlijsting/raamwerk/aanslag) van  rooster. De totale afmetingen van het rooster kunnen berekend worden met behulp van de  roosterafmetingen (zonder de aanslag van het kader) en de aanslag van het kader, namelijk: B [inbouwbreedte] + 2x kader breedte = BT [buitenwerkse breedte].


Inbouwmaat
Breedte en hoogte van een rooster, zonder eventueel kader of aanslag bij een inbouwrooster. De roosters worden in hun artikelnummer beschreven met de inbouwmaat: b × h in cm. Een 5040 rooster is dus; breedte: 500 mm, hoogte: 400 mm.


Buitenwerkse maat
Breedte en hoogte van een rooster, inclusief eventueel kader of aanslag.


Extrusieprofiel
Profielstaven gevormd door een aluminium blok (billet) onder hoge temperatuur en een hoge druk door een matrijs te persen. Deze lange profielen worden op maat gezaagd voor het eindproduct.


Geanodiseerd
Een metaaleigen, beschermende en slijtvaste laag aluminium-oxide die uit het aluminium “groeit”, soms ook wel geëloxeerd genoemd.


Inbouwdiepte
De inbouwdiepte van een rooster geeft aan hoe ver een rooster in de sparing gaat; de dikte van het roosterdeel dat in de muur zit. Dit gaat altijd om inbouwroosters; roosters die in de muur gemonteerd worden.


Netto lamellen oppervlak
Het netto lamellen oppervlak is het roosteroppervlak, zonder kader, flens of aanslag. Het netto lamellen oppervlak is de inbouwoppervlakte minus de blokkerende delen hiervan. Dit geldt meestal voor complete kaders, ook de minder zichtbare delen op de achterzijde.


Opbouwhoogte
De opbouwhoogte van een rooster geeft aan hoe ver een rooster van de muur verwijderd is. Dit gaat altijd om opbouwroosters; roosters die op de muur gemonteerd worden.


Poedercoating
Het gaat om een elektrostatisch poederlak-procédé met een uitgebreide voorbehandeling. Er wordt gebruik gemaakt van poederlak op polyesterbasis. Hierdoor wordt een zeer goede corrosiebestendigheid verkregen. De kleur is te bestellen volgens de RAL-code.


Regeninslagwerend
Het gaat hier om een algehele aanduiding van schoep- of lamelvorm. Regendruppels zullen er aan de buitenkant afdruipen. Bij wind gericht op het rooster kan een deel van het regenwater achter het rooster terecht komen, zeker bij hoge luchtsnelheden door het rooster. Bij (natuurlijke) ventilatie is er altijd een natuurlijk drukverschil van 1 Pa volgens de Nederlandse norm NEN 1087. Hieruit volgt een minimale luchtsnelheid van ± 0,7 m/s, waardoor er altijd kans is op regeninslag. Het is daarom aan te bevelen het kanaal achter het rooster te voorzien van een afwatering.


Stap van de lamel
De stap van de lamel is een regelmatige afstand, een lengtemaat, tussen herhaalde markante punten. De lengte van het boven en onder kader wordt bepaald a.d.h.v. de stap van de lamel. De restlengte wordt als het ware opgevuld door deze onderste en/of bovenste lamel.


Speling
De speling is de haakse lengte tussen het vlak van de inbouwdiepte en het binnen vlak van de sparing, ofwel de afstand tussen de sparing en het rooster. De speling is ingecalculeerd om onzuiverheden, ofwel afwijkingen van het kader op te vangen. Het incalculeren van deze onzuiverheden is tolereren. Om deze afwijkingen te definiëren gebruikt GAVO maat- en richtingstoleranties volgens NEN-ISO 2768-1:1990 nl en NEN-ISO 2768-2:1990 nl.


Sparing
Een sparing is het gat in de muur /wand  waar de inbouwroosters in worden gebouwd.

 


Handmatige berekeningen

Handmatige berekeningen kunnen nodig zijn om een geschikt rooster te selecteren voor maatwerk of standaard modellen. Op de website van GAVO is het mogelijk om een maatwerkrooster te specificeren. Dit kan gedaan worden door de volgende gegevens in te voeren: B, H en Pa .

 

 

 

 

In de voorbeelden voor verduidelijking wordt steeds het G1-5050 rooster gebruikt. Om foute invoerwaarden te voorkomen geven we in deze formules aan wat de in te voeren eenheden zijn met cursieve letters en vierkante haken. Bij alle maat benoemingen uit de catalogus, programma of website staat wordt de breedte eerst genoemd. De volgorde is dus altijd b x h. 

 

 

1. Luchtvolumestroom QV1 [dm3/s]
bij een drukverschil van Δp = 1

De luchtvolumestroom (QV), ofwel ventilatiecapaciteit, door een rooster is afhankelijk van het drukverschil (Δp) van voor en na het rooster. Deze volumestroom van lucht staat in de grafieken genoteerd alsof er natuurlijke ventilatie geldt, namelijk een drukverschil van Δp = 1 Pa. Dit is de standaard minimale druk voor natuurlijke ventilatie. Hieruit volgt de volumestroom van lucht bij 1 Pa à QV1. Deze gegevens zijn tot stand gekomen door te testen in de testruimte bij verschillende drukken. Dit is getest bij alle roosters volgens de volgende normen: NEN-EN 13141, en NEN 1087.

Let op!
QV  = volumestroom algemeen of drukonafhankelijk
QV1 = volumestroom bij een druk van 1 Pa   


Een ander drukverschil? Gebruik dan de volgende vergelijking:

De eenheid die wordt gebruikt voor de QV1 volumestroom mag variëren. Bij een andere eenheid bijvoorbeeld m3/h zal de uitkomst ook in m3/h zijn. Wel is het belangrijk dat het gaat om een inhoud/tijdseenheid in de formule.

Voorbeeld
Wat is de volumestroom door een rooster
bij een gemeten drukverschil van Δp = 8 Pa ?
Type rooster à Lamellenrooster G1-5050AA.  
Luchtvolumestroom uit bovenstaande tabel geeft

Qv1= 72 dm³/s                         

Voer de luchtvolumestroom en het drukverschil in

Invullen: Qv = 72 x 8

Uitkomst: Qv = 203,6 dm³/s

 

2. Luchtdoorlaat LD (cm²)

De luchtdoorlaat is de oppervlakte in cm² die beschikbaar is voor het doorlaten van lucht. De kader/flens/aanslag wordt hierbij niet meegenomen. Het gaat hier dus om het aantal cm2 van het netto lamellenoppervlak. De LD wordt bepaald door luchtstroom door de lamellen, deze kan dus niet zomaar met een rolmaat opgemeten worden. De vergelijking van de luchtdoorlaat is berekend volgens NEN-EN 13141-1:2004. De vergelijking is als volgt:

 

Voorbeeld
Wat is de luchtdoorlaat LD in m²  van het G1-5050 rooster?
In de tabel op bladzijde 4 is te zien dat de QV1 van het G1 rooster 72 dm³/s is.

Invullen: LD = 72 x 12,725

Uitkomst: LD = 916 cm2 = 0,0916 m²

 

Vrije-luchtdoorlaat
De luchtdoorlaat wordt bij ongespecificeerde lamellenroosters, ofwel maatwerk, ook wel gegeven in procenten. Dit wordt dan vrije-luchtdoorlaat genoemd. Dit percentage wordt ook gemeten vanaf het netto lamellenoppervlak. Door dit percentage krijg je een beeld van de luchtstroom door het rooster. Dit doe je door het genoemde percentage te vermenigvuldigen met het netto lamellen oppervlak. Deze uitkomst moet door 100 gedeeld worden.

Voorbeeld
Wat is de vrije-luchtdoorlaat LD in cm2 van een rooster  bij een vrije doorlaat van 45%? De maten van het netto lamellen oppervlak zijn als volgt: B x H = 495 mm x 495 mm.

Netto lamellen oppervlak: An = (495 - 20) x (495 - 60) x (10^-6) = 0,206625 m²

An x 10^4 = 2066,25 cm²

An x LD [%] = 2066,25 x 0,45

Uitkomst: VD = 929,81 cm²

 

3. K-factor [ - ]

Een aangevoerde luchtstroom zal door het plaatsen van een rooster een bepaalde weerstand krijgen. De aerodynamische vorm van het rooster bepaald de grootte van deze vormweerstand. Dit wordt uitgedrukt in het weerstandsgetal, ofwel de weerstandsfactor. Dit is een dimensie loze grootheid ( - ) en geeft een beeld van de doorstroming van het rooster.

Hoe hoger de weerstand, des te minder lucht kan er door het rooster zal gaan. Bij het ontwerpen van een ventilatierooster wordt dan ook gezocht naar de aerodynamisch meest ideale vorm om de luchtweerstand zo laag mogelijk te houden.

Om het weerstandsgetal te berekenen gebruikt men de volgende vergelijking:

Voorbeeld

Wat is k-factor van het lamellen rooster? (voorbeeld: G1-5050)
Netto lamellenoppervlak: An [m²] = (495 - 20) x (495 - 60) x 10^-6 = 0,206625 m²

Qv1 = 72 dm³/s

Invullen: k-factor = 1,67 x (1000 x 0,206625 / 72)²

Uitkomst: k-factor = 13,7



Omrekenen van roosterafmetingen

Bij alle maat benoemingen uit de catalogus, programma of website staat wordt de breedte eerst genoemd. De volgorde is dus altijd b x h.

  • Inbouwmaten →  A [mm²]  = B [mm] × H [mm]
    Breedte en hoogte van een rooster, zonder eventuele flens of aanslag.

 

  • Buitenwerkse maat = AT [mm²] = BT [mm] × HT [mm]

Breedte en hoogte van een rooster, inclusief eventuele kader/flens/aanslag.

   

 

  • Sparingmaat = AS [mm²] =  BS [mm] × HS [mm]

  

 

  • LSP [mm] = Speling

 

  


GAVO Toleranties

GAVO producten worden zo nauwkeurig mogelijk geproduceerd. Na bewerkingen als knippen, zagen, ponsen, zetten en lassen zal blijken dat elke maat in het desbetreffende product een bepaalde afwijking heeft ten opzichte van diezelfde maat in de tekening.

Om deze afwijkingen te definiëren gebruiken we maat- en richtingstoleranties volgens NEN-ISO 2768-1:1990 nl en NEN-ISO 2768-2:1990 nl. Door gebruik te maken van dit stelsel van algemene toleranties definiëren we het begrip “goed vakmanschap” zonder al zijn misverstanden en onzekerheden.
 

Maattoleranties
De toelaatbare maattoleranties voor lineaire maten bestaan uit 4 klassen: F, M, C en V.  De bewerkingen van GAVO vallen binnen klasse M, behalve daar waar het gaat om een opeenvolging van (verschillende) bewerkingen, in dat geval hanteren wij klasse C (bijv. bij lamellenroosters). De maattoleranties voor lineaire maten staan in tabel 1.
 

TOLERANTIEKLASSE


NEN-ISO 2768-1

Toelaatbare afwijkingen voor de reeks nominale maten

Alle maten in mm, tolerantie is ±
6

t/m

30
30

t/m

120
120

t/m

400
400

t/m

1000
1000

t/m

2000
2000

t/m

4000
aanduiding   omschrijving  
F fijn 0,1    0,15   0,2    0,3  0,5    -
M middel 0,2 0,3 0,5 0,8 1,2 2
C grof 0,5 0,8 1,2 2 3 4
V zeer grof 1 1,5 2,5 4    6 8

Tabel 1 - Toelaatbare afwijkingen voor lineaire maten

 

Daar waar genoemde maattoleranties niet haalbaar zijn, maar ook daar waar afwijkingen in de maat veel geringer zijn wordt dit door GAVO aangegeven in de tekeningen. Uitzonderingen hierop zijn extrusieprofielen. Het basismateriaal (het aan ons geleverde profiel) valt in klasse C, verdere bewerkingen aan dit profiel door GAVO vallen in klasse M.


Richtingstoleranties
De algemene richtingstolerantie van haaksheid bestaat uit 3 klassen: H, K en L. De bewerkingen van GAVO vallen binnen klasse K, behalve daar waar het gaat om een opeenvolging van verschillende bewerkingen, in dat geval hanteren wij klasse L (bijv. bij een lamellenrooster.  De richtingstoleranties voor haaksheid  staan in tabel 2. Net als bij de maattoleranties geldt hier dat eventuele afwijkingen door GAVO zullen worden aangegeven in de tekeningen.
 

TOLERANTIEKLASSE


NEN-ISO 2768-2
HAAKSHEID-TOLERANTIES VOOR REEKSEN
VAN NOMINALE LENGTEN VAN DE KORTE ZIJDEN
ALLE MATEN IN MM
0

t/m

100

100

t/m

300

300

t/m

1000
1000

t/m

3000
H 0,2 0,3 0,4 0,5
K 0,4 0,6 0,8 1
L 0,6 1 1,5 2

Tabel 2 - Algemene tolerantie voor haaksheid


Download